Volg Yory op Facebook Twitter Pinterest YouTube LinkedIn

Missie | Team Yory | Contact | Nieuwsbrief

Nederlands NL English EN Français FR Deutsch DE Bahasa Indonesia ID

Hoe dorpsrekeningen een genealogie tot leven brengen

Als je informatie vindt in dorpsrekeningen kan dit je genealogie enorm tot leven brengen.

Hoe dorpsrekeningen een genealogie tot leven brengen
1742, afrekening van Andries Vrancken als belastingontvanger van de 20ste penning

Zelden krijg je een inzicht in het alledaagse leven van een gemeenschap in de 17de en 18de eeuw. Een droge genealogie met doop-, huwelijks- en begrafenisdata zal hiertoe zeker geen bijdrage leveren. Dorpsrekeningen en cijnsboeken evenmin. Tot je beide combineert, dan wordt je meegezogen in een leven dat je je niet kan voorstellen.

In dit verhaal volgen we enkele generaties van de familie Vrancken, waarvan de naamdragende nakomelingen tot op vandaag nog dominant aanwezig zijn in de Rillaarse gemeenschap.

Kroniek van Rillaar

De genealoog die voorouders heeft in Rillaar, Vlaams-Brabant, heeft geluk. Paul Vranken heeft de enorme taak op zich genomen om in de verschillende archieven rekeningen op te zoeken en deze te groeperen in twee meesterwerken: “De heerlijkheid Vander Hofstadt te Rillaar” en “Kroniek van Rillaar”. Het bespaart ons als genealogen veel werk. 

Voor waarheidsgetrouw getekend door Andries Vrancken (Rekeningen van de 20ste penning. RAL. Schepengriffies. Rillaar. 74. 2444. Anno 1742)
Voor waarheidsgetrouw getekend door Andries Vrancken (Rekeningen van de 20ste penning. RAL. Schepengriffies. Rillaar. 74. 2444. Anno 1742)

Intermezzo: Wie was er baas in Rillaar?

Rillaar maakte deel uit van het hertogdom Aarschot en de ‘baas’ was dus de hertog van Aarschot. In die tijdsperiode waren dat de heren van Arenberg die de titel tot op vandaag nog dragen1. Het hertogdom omvatte verschillende kleine heerlijkheden3. Het grootste deel van het grondgebied van Rillaar hoorde toe aan de Heerlijkheid Vander Hofstadt. De heer, in de beginperiode was dat Willem Vander Hofstadt, was dus een leenman van de hertog en een leen- of cijnsheer voor de personen die het land bewerkten.

Deze heerlijkheid was onderverdeeld in hoeven (ook gichten genoemd) en een hoeve omvatte een aantal al dan niet bewerkbare percelen; hoeve had toen niet de associatie met een hoeve als gebouw. Om de percelen te mogen bewerken moest er door de bewerkers jaarlijks cijns betaald worden. In de cijnsboeken werd per gicht een gichtdrager aangesteld. De gichtdrager inde het cijnsgeld en bracht deze naar de rentmeester van de heerlijkheid. De gichtdrager werd aangesteld voor het leven en kon dit overdragen aan zijn kinderen. Om het betalen van successierechten zolang mogelijk uit te stellen, werd dikwijls gekozen voor een jong iemand die dan door een voogd vertegenwoordigd werd. En die hopelijk lang leefde.

De oerfamilie Vrancken

De oudste gevonden verwijzing naar Vrancken in Rillaar dateert van 1597 en vermeldt Aerdt Vrancken4 die in de driehoek Rommele-Zegers-Langstraat5 woonde. Aerdt Vrancken is de vader van Peter en Jan. Die laatste woonde op een perceel van de Zegershoeve6 en stierf aan de pest in 16367

Peter Vrancken, gehuwd met Maria Lisseboon, is de stamvader van nagenoeg alle Vranckens in Rillaar. Het gezin woonde in Rommele, een gehucht in het noordoosten van Rillaar, en pachtten percelen van verschillende hoeves waaronder de Vuelenshoeve, De Verloren Hoeve met “eenen wijngaert aende Rillairstraet geleghen, groot 1 dagmaal8 en Hoeve Hulster Bemden9.

Zijn zoon, Peter junior, gedoopt in Rillaar op 15 februari 1637, zal de dynastie flink op gang trekken. Peter jr wordt op zesjarige leeftijd ‘gichtdrager’ van Den Verloren Hoeve. Hij had anno 1683 ook een kleine veestapel, 1 paard en 5 koeien en een kalf van 1 jaar, waarop elk jaar gemeentebelasting werd betaald. Peter  jr trouwde met Maria Saliën en kreeg met haar 9 kinderen, 7 zonen en 2 dochters. Samen zorgden zij voor 30 naamdragende kleinkinderen. Hier werd de basis gelegd van de alomtegenwoordigheid van de naam Vran(c)ken in Rillaar.

Intermezzo: Hoe werd Rillaar bestuurd?

De mensen die de verantwoordelijkheid droegen in het beleid van het dorp, eedslieden of gezworenen genoemd, waren: de eerste burgemeester, de tweede burgemeester, twee  kerkmeesters, twee heiligegeestmeesters (te vergelijken met de huidige OCMW-voorzitter/schepen voor Sociale Zaken), de klerk (later de gemeentesecretaris, nu de algemeen directeur), de onderwijzer en de dienaar (later de veldwachter).

Elke 6 maanden was er een herkiezing van de burgemeesters op Sint-Jan (24 juni) en op kerstmis. Als burgemeester moest je altijd starten als tweede burgemeester bij wijze van inloop. Een ambtsperiode voor hen duurde bijgevolg 6 maanden. Voor de kerkmeesters en de heiliggegeestmeesters was de ambtsperiode een jaar. De andere meer ambtelijke functies werden tot een bepaalde datum of onbeperkt aangesteld. Er werden voor Rillaar twee rekeningen opgesteld, de dorpsrekening door de burgemeester en de kerkrekening door de kerkmeesters. De munten van toen waren guldens en stuivers, 1 gulden is 20 stuivers.

De impact van de Vranckens op de Rillaarse dorpsgemeenschap

Vier zonen van Peter junior vinden we uitgebreid terug in de Kroniek van Rillaar. Zij voeren voor de gemeente klusjes uit en worden hiervoor vergoed.

de familie Vrancken in Rillaar

Aert Vrancken gehuwd met Anna Van Brussel

Aert, gedoopt op 16 juli 1685, en Anna kregen 3 zonen en 2 dochters waarvan 1 zoon voor een nageslacht zal zorgen. Hij was landbouwer en bezat volgens de veetelling van 1730 2 koeien en 1 rund van 1 jaar. Af en toe kluste hij bij voor de gemeente zoals het kuisen van de riolen aan ’t sluisken. Hij kreeg hiervoor 12 stuivers.

Peter Vrancken gehuwd met Maria Devroey

Peter, gedoopt op 12 april 1688, en Maria kregen 5 zonen en 1 dochter waarvan de vier zonen voor een nageslacht zorgden. Van Peter vinden we een paar klusjes terug waaronder het openen van de riolen aan ‘t sluisken en, samen met zijn broer Jan, de gracht openen aan de Voort. Peter bezit volgens de veetelling van 1732 1 koe en 3 runderen van 2 jaar.

Later, vanaf 1747, werd het gezin vrijgesteld voor het betalen van belastingen. Dat gold voor: “Mensen die leven in tafel van de armen ende andere aelmoessen“. Peter en zijn gezin verarmden, in tegenstelling tot zijn broer Andries.

Jan Vrancken gehuwd met Catharina Goedhuys en later met Maria Van Brussel

Jan, gedoopt op 18 september 1670, kreeg met Catharina 2 zonen en 7 dochters en met Maria 2 zonen.  Uit de dorpsrekeningen blijkt dat hij diensten levert aan de gemeenschap waaronder

  • werken aan de baan
  • leveren van gras
  • stro en schephout aan het soldatenkamp
  • werken aan de Mottebeek om water uit de broek te houden
  • de gracht openen aan de Voort
  • bagage vervoeren voor het garnizoen van Aarschot
  • 6 karren gemaaid en geleverd uit de Otterbeemd.

Hij logeerde ook drossaardvolk10 van Brabant. Jan bezit in 1732 volgens de veetelling 2 koeien, 1 rund van 2 jaar en 1 rund van 1 jaar waarop hij gemeentebelasting moet betalen.

Aert Vrancken, jongste zoon van Jan en vrijgezel, werd door de eedslieden aangesteld als ‘dienaar’. Dit is te vergelijken met veldwachter, en was zo lid van het bestuur van Rillaar. Als dienaar assisteerde hij ondermeer bij het opschrijven van de veestapel zodat de te betalen belastingen konden berekend worden. Hij vervulde deze functie 15 jaar lang van 1742 tot 1757 en was een bekend figuur in Rillaar. 

Andries Vrancken, burgemeester van Rillaar,  gehuwd met Catharina Masin

Andries werd gedoopt op 27 februari 1673. Hij kreeg met Catharina 5 zonen en 3 dochters. Vier van de vijf zonen zullen zorgen voor een erg uitgebreid nageslacht. Andries was zeer actief in de Rillaarse gemeenschap. Tussen 1701 en 1716 leverde Andries diensten aan de gemeenschap. Dit was o.a. voor

  • opvang van soldaten en hun paarden
  • opvangen van Drossaardvolk
  • het leveren van 1 halster haver aan het soldatencampement
  • werken aan de dijk van de Motte, zijrivier van de Demer (samen met zoon Andries jr en broer Peter) waarvoor hij telkens ook vergoed werd.

Op 24 juni 1716 werd Andries tweede burgemeester en op 25 december 1716 eerste burgemeester van Rillaar. Zijn ambt liep af op 24 juni 1717. Waar de burgemeester van wakker ligt is af te leiden uit ondermeer de boekhouding van de gemeente. Die bestaat uit 2 rekeningen, de dorpsrekening en de kerkrekening. Die rekeningen geven een inzicht in het reilen en zeilen van Rillaar tijdens de ambtsperiode van Andries11. Daarin lezen waar het dorp zijn inkomsten haalt en welke uitgaven het doet.

Klusjes opknappen

In het register van de dorpsrekeningen staat dat het dorp betaalde om

  • uilen te schieten
  • een paar schoenen voor de veldwachter
  • vaten bier voor inwoners die klusjes opknapten
  • om paarden uit het moeras te halen
  • riolen te kuisen
  • gevangenen te vervoeren
  • soldaten logies geven, enz.

De rekeningen werden nagekeken in de plaatselijke herbergen waarbij, volgens de rekening toch, heel veel bier en brandewijn vloeide. In 1729 bezit Andries volgens de veetelling 1 paard, 3 koeien, 1 rund van 2 jaar en 1 rund van 1 jaar. Hij overleed datzelfde jaar en de kerk ontvangt van de familie 1 gulden voor de begrafenis.

Zonen van Andries leveren nog bijdragen, maar het is vooral Andries junior die een stempel zal drukken op de Rillaarse gemeenschap.

‘Op deze wereld is niets zeker, behalve de dood en de belastingen.
Benjamin Franklin


Andries Vrancken junior, gedoopt op 8 september 1700, gehuwd met Catharina Vandebroeck en na haar overlijden met Catharina Symons, kreeg 8 kinderen, 4 jongens en 4 meisjes. Andries bezit volgens de veetelling van 1737: 1 paard, 4 koeien, 1 rund van 2 jaar, 1 rund van 1 jaar. Hij engageerde zich al heel snel op een totaal ander vlak dan zijn vader, broers en nonkels en specialiseerde zich in het ‘collecteren’ of innen van belastingen. 

Intermezzo: De belastingen in Rillaar

Het was de Staten van Brabant die vastlegde hoeveel ieder dorp moest betalen en het dorpsbestuur, bestaande uit de schepenen die de ontvanger aanstelden, moest die lasten dan verdelen over de bevolking. Het dorp hief verschillende structurele belastingen. Zo was er de jaarlijkse oogstimpost, de belasting op de oogst, de jaarlijkse belasting op ‘bestiaelen’ of ‘hoornbeesten’, de veestapel dus en later ook een personenbelasting, gebaseerd op het aantal personen in het gezin. De Staten van Brabant hief ook belastingen zoals de Koningsbede (op het bezit van vastgoed), de 20ste penning (omzetbelasting van 5% op de verkoopprijs van onroerende goederen) en een hoofdelijke heffing.

Andries Vrancken, ontvanger van belastingen:

  • In 1737, 1738, 1739, 1744, 1745, 1750 en 1751 stond hij in voor het innen van de koningsbede12, de belasting geheven voor de koning
  • In 1741, 1742, 1749 inde hij de oogstimpost, de belastingen op de oogst.
  • Andries was tussen 1741 en 1743 lid van het gemeentebestuur als Heiligegeestmeester en ontfermde zich over de armen van Rillaar. 
  • Tussen 1742-1750 werd Andries nog 5 keer aangesteld om de belastingen te innen op de verkoop van kerkbossen (20ste penning, nu registratierechten).

In 1747 onderwierp de Staten-Generaal, o.l.v. keizerin Maria Theresia, Rillaar aan een belasting waarvoor alle bezittingen werden geteld. Andries Vrancken was toen een weduwnaar “met 1 meisje, kind van 9 jaar, 1 schouw en 4,5 bunder13 land”.

Later, tussen 1753 en 1755 was Andries gehuchtmeester, de vertegenwoordiger van het gehucht Rommele in het gemeentebestuur. Andries investeerde zijn inkomsten goed en werd eigenaar van een groot aantal percelen in Rommele.

Drie anekdotes m.b.t. dorpsrekeningen

  • 1739: Andries zorgde voor 23 mutsaarden hout om de straat te maken aan de drieveerdelbos in de Lapstraat en krijgt hiervoor 14 stuivers;
  • 1745: Andries heeft van de oogstimpost 7 ducaten gekregen “om zijn paard te lossen dat omtrent Antwerpen door de Husaren genomen was en door het dorp mocht afgekocht worden“;
  • 1750: Andries haalde op 17 september met kar en paard stenen in Heverlee voor het landhuis van de Hertog van Aarschot in Aarschot.

De belangrijkste personen van de eerste generaties Vrancken zijn ongetwijfeld Andries en zijn zoon Andries junior. Zij hebben een grote impact gehad op het leven in Rillaar. 

In 1740 woonden er in Rillaar 156 gezinnen waarvan er 8 families Vrancken waren, 1 op twintig was dus een Vrancken-gezin14. In een aanvullend artikel wordt een analyse gemaakt van de aanwezigheid van de dynastie Vrancken in Rillaar zowel in aantal als geografisch over een periode van 3 eeuwen. Het zal niet verwonderen dat de uitvalsbasis het gehucht Rommele was en dat er meer dan 800 naamdragende afstammelingen zijn.

Verder lezen?

  • Wat betekenden de Rillaarse Vranckens in de 17e en 18e eeuw? (PDF)

Dit artikel is een voor Yory gemaakte variant van “Wat betekenden de Rillaarse Vranckens in de 17de en 18de eeuw?” gepubliceerd op PetCro’s Genea Blog. In het oorspronkelijk artikel is ook de Dorpsrekening en de Kerkrekening opgenomen van het jaar 1716-1717, uiterst boeiend leesmateriaal.

De familie Knauf van paleis naar NL Indie
Het systematisch afwerken van archiefbronnen
De waarde van GenealogieDomein
Van geboorteplek tot verkeersplein
‘ Hoe dorpsrekeningen een genealogie tot leven brengen’
Referenties
  1. Wikipedia, Hertogdom Aarschot  ↩  ↩
  2. Een heerlijkheid is het grondgebied waarbinnen de heer het recht had om in eigen naam het publiekrechtelijk gezag over alle inwoners uit te oefenen. \u003ca href=\u0022https://nl.wikipedia.org/wiki/Heerlijkheid_(bestuursvorm)\u0022 class=\u0022ek-link\u0022\u003eWikipedia, Heerlijkheid\u003c/a\u003e  ↩
  3. Een heerlijkheid is het grondgebied waarbinnen de heer het recht had om in eigen naam het publiekrechtelijk gezag over alle inwoners uit te oefenen. Wikipedia, Heerlijkheid  ↩
  4. Vranken P., “De heerlijkheid Vander Hofstadt te Rillaar”((Rillaar: eigen uitgave, onbekend, p. 24  ↩
  5. Vranken P., “Kroniek van Rillaar”, deel I, Rillaar: eigen uitgave, 2003, p. 54  ↩
  6. Vranken P., “De heerlijkheid Vander Hofstadt te Rillaar”, Rillaar: eigen uitgave, onbekend, p. 24  ↩
  7. Vranken P., “Kroniek van Rillaar”, deel I, o.m., p. 71  ↩
  8. Een dagmaal is een oppervlaktemaat die overeen kwam met de oppervlakte land die in een dag door een ploeg kon worden bewerkt; dit is ongeveer één derde van een hectare of ongeveer 3300 m² of 33 are.  ↩
  9. Vranken P., “De heerlijkheid Vander Hofstadt te Rillaar”, o.c., p. 106, 111, 112, 116, 173  ↩
  10. De drossaard of baljuw was een financiële ambtenaar die zich liet bijstaan door een militie van “vanghers”. Wikipedia, Baljuw  ↩
  11. Vranken P., “Kroniek van Rillaar”, deel III, o.m., p. 13-20  ↩
  12. Goossens T., “Het arme Brabant”, p. 9-10-11-14, “De bede is de oudste vorm van belasting door een vorst van zijn onderdanen geheven… basis voor de aanslagen was het bezit aan vast goed”  ↩
  13. Een bunder is vier dagmaal land; ongeveer 13.200m2 of 132 are.  ↩
  14. Vranken P., “Kroniek van Rillaar”, deel III, p. 104, lijst van belastingplichtigen.  ↩
Ontvang de nieuwsbrief

Ontvang de nieuwsbrief


Ieder kwartaal
Download gratis de akte checklist

Download gratis de akte checklist

Wil je ook de nieuwsbrief?


Zo gebruik je de akte checklist
Peter-Crombecq-wikipedia.jpg

De vrij unieke naam Crombecq gaf in 2003 aanleiding tot de zoektocht naar naamgenoten op het internet. Die zoektocht werd al snel een genealogische safari met onverwachte en verrassende ontdekkingen. Stilaan breidde het onderzoek zich ook uit naar de voorouders van nabije en verre familieleden en werden puzzelstukjes van de geschiedenis van vele families bijeengesprokkeld. Soms kristalliseert de passie voor genealogisch onderzoek uit in kortverhalen of meer diepgaande artikels die ook andere genealogen zouden kunnen interesseren. En dat is waarom ik die kennis graag deel ;-).

Zoek je voorouders op Open Archieven

Zoek je voorouders op MyHeritage

NL_FTFCbanners_480320_01.png

Lees ook...