Daarom lachen je voorouders niet op oude foto’s
Als je ook zo gek bent op oude foto’s van je voorouders en familieleden, zal het je vast opvallen dat ze daar niet op lachen, en zelfs geen enkele emotie op tonen. Waren ze verdrietig, boos of misschien bang?
Er zijn verschillende oorzaken voor te bedenken, namelijk:
- Omdat er toen nog geen gebitsverzorging bestond, was hun gebit was in zeer slechte staat. Daardoor misten ze veel tanden waardoor een glimlach de foto er niet veel mooier op maakte.
- Het was best spannend om naar de fotograaf te gaan. Het werd gezien als een bijzondere en officiële (vaak ook gezins)gebeurtenis waarbij de beste kleren uit de kast werden gehaald.
- De fotograaf nam zijn taak en eindresultaat zeer serieus, want hij had een goede naam te houden.
- Gezien de kosten werd er maar één foto gemaakt, en niet een serie waaruit je de beste foto’s kon kiezen.
- Een foto nemen, zeker in een studio setting, kostte best wat tijd. De camera’s van toen hadden een lange sluitertijd, soms wel tot 15 seconden, waardoor het aanhouden van een glimlach vrijwel onmogelijk was.
- Serieus/ernstig kijken zag men als onderdeel van waardig gedrag.
- Lachen werd (m.n. onder de calvinistische bevolking) lang gezien als ongepast en zelfs als instrument van de duivel. In de Bijbel staat nergens dat Jezus lacht. Lachen was voorbehouden aan narren en mensen met een verstandelijke beperking, zo was de gedachte.
‘Fotografie is het inventariseren van sterfelijkheid.‘
Geen besef van effect
Toen fotografie voor de gewone burger toegankelijker en een fotocamera betaalbaar werd, kwam pas het besef wat een foto voor een effect kon hebben. Pas op de jeugdfoto’s van mijn moeder die met een eigen camera in een park zijn gemaakt, zie ik voorzichtig wat lachende gezichten.
Foto boven: 1895, Amsterdam, mijn oma Wilhelmina Morison (1891-1969) met haar 2 halfbroers Johannes Jacobus Morison (1888-1957) en Hermanus Hendrikus (1885-1943).
Lees ook
Daarom lachen je voorouders niet op oude foto’s
Geïnspireerd door deze video van MyHeritage.





























