Onderzoek in de Belgische collaboratiedossiers is niet onmogelijk!
Wellicht heb je al eens gehoord van de Belgische collaboratiedossiers en misschien heb je zelfs al meegekregen dat ze, in tegenstelling tot Nederland, heel moeilijk in te zien zijn. De collaboratiedossiers die door het Belgische militair gerecht werden opgesteld, zijn een enorm interessante bron.
Aan de hand van de collaboratiedossiers kan je namelijk achterhalen wat jouw voorouders tijdens de Tweede Wereldoorlog hebben gedaan en meegemaakt. Helaas zijn deze niet gemakkelijk in te zien. Hoe dit precies zit en hoe je ze toch kan raadplegen, leg ik je in dit artikel stap voor stap uit.
Historische achtergrond
Gedurende de Tweede Wereldoorlog werd door Belgen in uiteenlopende vorm en mate gecollaboreerd met de Duitse bezetter. In Nederland en Duitsland werden speciale rechtbanken opgericht om collaborateurs te vervolgen. In Frankrijk maakte men voornamelijk gebruik van burgerlijke rechtbanken.
De Belgische regering, die zich op dat moment nog in Londen bevond, besloot in mei 1944 daarentegen de militaire rechtbanken verantwoordelijk te maken voor de berechting van collaborateurs, of incivieken, zoals deze ook wel worden genoemd. Deze beslissing had grote gevolgen.
Bij de bevrijding bestond het militair gerecht namelijk uit slechts vier krijgsraden en één krijgshof met enkele kamers. In korte tijd moest dit aantal dus flink worden opgeschroefd om de last van de berechting van collaborateurs te kunnen dragen. Halverwege 1946, het hoogtepunt, bestond het militair gerecht uit 21 krijgsraden en kende het krijgshof 24 kamers, verspreid over vier steden.
Het onderzoek naar collaboratie
Het gerechtelijk onderzoek naar (mogelijke) collaboratie werd gedaan door de krijgsauditoraten. Op basis van een klacht, aangifte, verklaring of vaststelling kon deze een dossier openen. Voor hun onderzoek konden zij steunen op de medewerking van de staatsveiligheid, de gerechtelijke politie, de rijkswacht en de gemeentepolitie.
Tussen september 1944 en eind 1949 werden door de krijgsauditoraten in totaal 405.067 dossiers geopend wegens collaboratie, waarvan er 288.101 zonder gevolg werden geklasseerd, en 59.712 tot een buitenvervolgingsstelling en 57.254 tot een strafrechtzaak hebben geleid. Kwam het tot een strafrechtzaak, dan werd deze behandeld door een van de krijgsraden (of het krijgshof).
De zwaarste straf die kon worden opgelegd, was de doodstraf. Daarnaast kon een levenslange gevangenisstraf, een gevangenisstraf voor bepaalde tijd of een geldboete worden opgelegd. Ook kon een bijkomende straf worden opgelegd, zoals verbeurdverklaring van vermogen of goederen, onder politietoezicht stellen, verval van nationaliteit of verlies van bepaalde rechten.
De collaboratiedossiers
Vaak wordt van ‘collaboratiedossiers’ gesproken, maar het gaat in feite om een verzameling van verschillende typen dossiers en om vonnissen van de krijgsraden en arresten van het krijgshof. Zowel de archieven van de krijgsauditoraten als van de krijgsraden en het krijgshof bestaan uit verschillende typen bronnen.
In de archieven van de krijgsauditoraten vind je:
- Notitieregisters
- Dossiers zonder gevolg en van buitenvervolgingstelling (ZG/BV)
- Strafuitvoeringsregisters en strafuitvoeringsdossiers
Daarnaast vind je in de archieven van de krijgsraden en het krijgshof respectievelijk de uitgesproken vonnissen en arresten en daarnaast dossiers van gevonniste zaken (GZ). De dossiers van de krijgsauditoraten en de vonnissen, arresten en dossiers van de krijgsraden en het krijgshof kunnen worden teruggevonden in de gelijknamige inventarissen bij de verschillende Rijksarchieven.
Hoe kan ik een dossier raadplegen?
De dossiers van de krijgsauditoraten en de vonnissen, arresten en dossiers van de krijgsraden en het krijgshof die jonger zijn dan 100 jaar, zijn alleen onder bepaalde voorwaarden raadpleegbaar. Voor persoonlijk belangstellenden, voor wetenschappers en voor administratieve of gerechtelijke doeleinden gelden andere raadplegingsvoorwaarden.
Het raadplegen van deze dossiers, vonnissen en/of arresten in het kader van familiegeschiedenis valt onder de categorie “persoonlijke belangstelling”. Raadpleging uit algemene interesse voor het verleden van een voorouder of verwant wordt in beginsel niet toegelaten.
‘Verraad is de enige zonde die niet vergeten wordt door de geschiedenis‘
Dit is wel mogelijk indien je de weduwe(naar), het kind of andere rechthebbende (bv. een kleinkind) bent van de persoon op wie het dossier, vonnis of arrest betrekking heeft. Overigens mag geen derde betrokken zijn geweest bij de feiten waarvan deze persoon werd verdacht (en voor werd veroordeeld). Om een dossier, vonnis of arrest in te zien, doorloop je best de volgende drie stappen.
Drie stappen
Mocht je aanwijzingen hebben dat een (groot)ouder had gecollaboreerd, dan is een eerste stap om contact op te nemen met het betreffende rijksarchief dat het archief van het krijgsauditoraat bewaart, waar mogelijk het dossier over je (groot)vader of -moeder werd geopend. Het betreffende rijksarchief kan dan nagaan of er van de betreffende (groot)ouder een dossier bij dat krijgsauditoraat werd aangelegd.
De tweede stap is het verzamelen van de benodigde schriftelijke toestemming, indien van toepassing. Mocht de weduwe(naar) van de betreffende (groot)ouder of mochten diens kinderen nog in leven zijn, dan dien je de schriftelijke toestemming van deze weduwe(naar) of van álle kinderen te bekomen. Deze heb je namelijk nodig om een aanvraag tot het raadplegen van een (collaboratie)dossier in te kunnen dienen.
De derde stap is het indienen van een gemotiveerd verzoek tot raadpleging van een (collaboratie)dossier bij het College van Procureurs-generaal. Stel hiervoor een e-mail op, met daarin: de naam en voornaam van de (groot)ouder van wie je het (collaboratie)dossier wil inzien, diens geboorteplaats en -datum, de referenties (van archiefstukken of dossiers) die de archivarissen je bezorgden en indien mogelijk diens woonadres en datum van veroordeling.
Deze mail stuur je, vergezeld van de schriftelijke toestemmingen van familieleden (indien van toepassing), naar parfed.arch-mil [ AT ] just.fgov.be.
Onderzoekstips
Er zijn verschillende manieren om erachter te geraken of van je (over)(groot)vader of -moeder een collaboratiedossier werd aangelegd. Zo kan je dit te weten komen uit de overlevering binnen je familie, of je kan aanwijzingen vinden in een dagboek, een krantenartikel, in de Duitse persoonlijke militaire dossiers, in de Mitgliederkartei van de NSDAP of in het bevolkingsregister.
Verder kan je in de archieven van de gemeentepolitie (soms ondergebracht in een eigen inventaris, in andere gevallen onderdeel van de inventaris op het modern archief van een stad of gemeente) nog wel eens stukken of dossiers rondom collaborateurs terugvinden, zoals in Antwerpen.
Verschillende krijgsauditoraten
Doordat tussen 1944 en 1949 veel krijgsauditoraten zijn opgericht en ook weer zijn opgeheven, hangt het van het moment dat een dossier werd geopend af, bij welk krijgsauditoraat dit gebeurde. Mogelijk heb je geen idee wanneer een dossier over een (groot)ouder werd geopend.
In dat geval benader je best alle rijksarchieven die de archieven van de krijgsauditoraten bewaren, waar mogelijk een dossier over je (groot)ouder werd geopend, dit is in de regel het krijgsauditoraat in de omgeving van waar je (groot)ouder tijdens of kort na de oorlog woonachtig was. Welke krijgsauditoraten dit mogelijk zijn, vind je in de Archiefgids van het militair gerecht.
Vermeld in je e-mail aan het College van Procureurs-generaal liever niet dat je deze aanvraag in het kader van stamboomonderzoek of onderzoek naar familiegeschiedenis doet. In plaats daarvan kan je als reden voor raadpleging bijvoorbeeld opgeven dat je graag (voor jezelf en/of voor je familie) duidelijkheid wil wat een (groot)ouder precies tijdens de oorlog heeft gedaan, om een einde te kunnen maken aan twijfels en speculatie.
Bronnen voor onderzoek
Meer lezen of zien?
- Raadpleging archieven repressieperiode, Rijksarchief in België
- Onverwerkt verleden. Collaboratie en repressie in België, 1942-1952, Steven Dhondt en Luc Huyse
- Was opa een nazi? Speuren naar het oorlogsverleden, Koen Aerts (e.a.)
- Repressie na de Tweede Wereldoorlog, Encyclopedie van de Vlaamse Beweging
- Militair gerecht, Belgium WWII
Lees ook
Onderzoek in de Belgische collaboratiedossiers is niet onmogelijk!























































