Ontdek de persoonskaarten van het Vrouwen Hulpkorps
Tijdens de Tweede Wereldoorlog verblijven veel Nederlandse vrouwen in Engeland, vastbesloten om na de bevrijding van Nederland te helpen bij de hulpverlening.
Om die reden richten Nederlandse vrouwen in Groot-Brittannië in 1944 het Vrouwen Hulpkorps (VHK) op. Dit wordt gesteund door koningin Wilhelmina; zij vindt namelijk dat vrouwen een belangrijke humanitaire taak kunnen vervullen, maar dan wel onbewapend. Echter ziet de Nederlandse minister van Oorlog dat anders, en wil dat zij juist wél een militaire status krijgen en krijgt het Vrouwen Hulpkorps alsnog een officiële militaire status.
Wanneer de geallieerden in het najaar van 1944 verder oprukken, steekt het VHK met hen mee over naar het Europese vasteland. Daar zetten de vrouwelijke militairen zich in voor de voedselvoorziening, begeleiden zij evacuaties en organiseren zij talloze kindertransporten.
Na de Tweede Wereldoorlog
Als de Tweede Wereldoorlog is afgelopen, wordt het Vrouwen Hulpkorps uitgezonden naar Indonesië, waar zij Nederlandse militairen ondersteunen tijdens de Indonesische onafhankelijkheidsoorlog (1945-1949). Ook worden ze als verpleegkundigen ingezet in Korea, en uiteindelijk gaat het VHK in 1951 op in de Militaire Vrouwen Afdeling (MILVA).
‘Moedige vrouwen zijn geen vrouwen zonder angst, maar vrouwen die besluiten dat iets belangrijker is dan hun angst.‘
De eerste vrouwelijke commandant van het korps is Cornelia Smit-Dyserinck. Haar persoonskaart maakt deel uit van een bijzondere schenking die het Nederlands Instituut voor Militaire Historie (NIMH) in 2018 ontvangen heeft. Emma Staf schenkt namelijk haar archief met daarin o.a. 347 persoonskaarten van de eerste vrouwen die bij het Vrouwen Hulpkorps hebben gediend.
Welke informatie staat er op de persoonskaarten?

Het is heel bijzonder dat deze persoonskaarten bewaard zijn gebleven en is een ware schatkist aan informatie. Op de kaarten staat persoonsgegevens zoals de naam, geboortedatum en geboorteplaats, opleidingsniveau, burgerlijke staat, familiebetrekkingen en soms de bloedgroep of religie. Op sommige persoonskaarten staan pasfoto’s, waardoor de vrouwen letterlijk een gezicht krijgen.
Tevens leren we meer over het leven van deze dappere vrouwen. Enkele voorbeelden:
- Maria Stokvis-Knapper: op haar persoonskaart staat dat ze gescheiden is, maar hanteert nog wel de achternaam van haar ex-man (zie foto rechts).
- Emmy Rutten-Broekman: zij is op Sumatra geboren en heeft een diploma voor het besturen van “Heavy Vehicles”.
- Elly Nauta-Moret uit Den Haag: zij is opgeleid tot doktersassistente.
- Elsa van Dien-Hendrix: zij heeft de opleiding directrice van een openbare bibliotheek gevolgd.
- Martha van Esso-Polak: zij is nog voor de oorlog arts geworden en is gehuwd met een chirurg.
Bronnen voor onderzoek
Je kunt de persoonskaarten van het Vrouwen Hulpkorps vinden op Archieven.nl en het NIMH. Vanwege privacywetgeving komen de scans pas 100 jaar na de geboorte van de persoon openbaar.
Lees ook
Ontdek de persoonskaarten van het Vrouwen Hulpkorps
























































