Brief uit 1672 – Een bedroefde tijd van oorlog
Op 27 mei 1672 schrijf Lijsbet Goskes een brief naar haar man Karel Goskes. Hij is een barbier is op het schip Prins (Jonge Prins, VOC schip, bouwjaar 1661) die vaart van Hoorn naar “Karsou” (Kòrsou – Curaçao). Een barbier is een andere naam voor kapper. Het was gebruikelijk dat er op ieder VOC-schip een barbier meeging.
Lijsbet schrijft dat het goed gaat met hun zoon Jesijes. Hij is “kloek” en gezond. Ze is verwonderd dat ze maar één brief heeft ontvangen van hem. Het schip “de Maijebom” (vermoedelijk VOC schip de Muskaatbom, bouwjaar 1659) is in Engeland gekomen en zou naar Amsterdam gaan, maar is nog niet thuis. Vermoedelijk werd er post verwacht van dit schip.
‘Het is niet te winnen’
Ze vertelt dat het een bedroefde tijd is van oorlog. Er is oorlog met de Engelsen, de Fransen en met de Bisschop van Munster. Het is “niet te winnen”, want de oorlog wordt gevoerd zowel te water als te land. De burgers trekken voorbij te water en land (doelend op vluchtelingen) maar ook de soldaten.
“Als God met ons is, zal het wel gaan, maar als God tegen ons is, baat het niet dat mensen om hulp (bidden)”. Maar Lijsbet blijft vriendelijk bidden uit de grond van haar hart dat haar man thuis komt, omdat er niets anders dan droefheid is. Duizend goede nachten wenst ze hem, ook namens zijn zoon, die begint te praten en te lopen, ze hoopte dat hij hem kon zien. Ook krijgt hij de groeten van zijn vrienden en alle goede bekenden.
Terug in Hoorn
Op de website van de VOC zag ik dat dit schip op 28 juli 1672 terugkeerde in Hoorn1. Karel overleefde de reis, want op Open Archieven zag ik dat zij op 18 juni 1673 hun zoon Rijnarts dopen te Amsterdam. Zo kon ik ook zien dat Lijsbet en Karel in de Lutherse kerk zaten2.
Scene uit de TV serie ‘Welkom in de Gouden Eeuw’
Lees ook
‘Brief uit 1672 – Een bedroefde tijd van oorlog’























































