Katholieke Zouaven zoeken die vochten voor de Paus
Als je afstamt van katholieke voorouders, dan zou je zomaar een vastloper kunnen vlottrekken door te zoeken in de registers van de Nederlandse Zouaven.
Omstreeks 1860 was er in Italië opstand gaande tegen de paus Pius IX en de Kerkelijke Staat. Het land was geen eenheid maar bestond uit diverse staatjes, wat ook onderlinge verdeeldheid stimuleerde. Om deze bedreiging neer te slaan werd in 1861, onder leiding van graaf Becdelievre, het ‘Korps der Pauselijke Zouaven‘ opgericht. Jonge katholieken mannen, zouaven, werden door heel Europa gerekruteerd om voor de Paus te vechten.
In Rome had Keizer Napoleon III inmiddels een leger Zouaven gelegerd. Maar toen de Franse troepen besloten dat deze mannen vervangen moesten worden, kwam pas echt het werven van vrijwilligers los.
De werving van vrijwilligers
In de periode 1861-1870 hebben er zeker meer dan 11.000 vrijwillige jonge mannen zich aangemeld. Hiervan is een opvallend groot deel Nederlands, bijna 3.200. Maar de strijdlustigen kwamen uit heel Europa, maar zelfs ook uit Canada, Rusland, Amerikanen en een Chinees.
De Zouaven kregen een strenge medische keuring in Brussel, waarna ze met de boot vanaf Marseille vertrokken naar Rome. Daar kregen ze een opleiding en werden ze verspreid over Rome en omgeving.
De motivatie van de Zouaven
Het kwam uit een gevoel van trots. Zouaven lieten maar al te graag portretten van zichzelf maken die zijn aan hun familie opstuurde. Hiermee wilden ze laten zien dat ze trots waren op hoe ‘gezond en frisch’ ze eruit zagen, en sterk waren om het zwaard te trekken tegen de vijand.
Naast deze portretten bewaart het Nederlandse Zouavenmuseum ook een collectie van brieven van jonge zouaven, die ons een goede kijk geven op hun leven en motivatie. In een van die brieven schrijft ene Joop aan zijn moeder:
Maar weer of geen weer, ze vochten niet alleen voor de Paus, ze joegen ook op bandieten, hielpen dorpen waar de cholera was uitgebroken en ontfermden zich over vondelingen.
De kleding van de Kabylen
Graaf Becdelievere was onder de indruk van de Noord-Afrikaanse kledij van de stam Kabylen, overigens door de Fransen ‘Zouaves’ genoemd. De Kabylen hadden een blauwgrijze pofbroek, rode buikband, blauwgrijs vest en een bolerojasje met rode versiering. Dit was de inspiratie voor het Zoavenuniform.
Het einde van de Zouaven
Toen Italië in 1871 een eenheid werd met Rome als hoofdstad, waren de Zouaven niet meer nodig en ze keerden terug naar hun vaderland. Maar de onwetende Nederlandse Zouaven waren stateloos geraakt, omdat zij zonder toestemming van de koning in een buitenlands leger gingen dienen. Oud-Zouaven verenigde zich in diverse steden en organiseerde bijeenkomsten. De oudste Nederlandse Zouaaf was Petrus Verbeek uit Rosmalen. Hij stierf in 1946 op 95-jarige leeftijd.
Op de website van Corrie Stroop vind je veel informatie over de Amsterdamse Zouaven. In bidprentjes verzamelingen zal je ook veel Zouaven vinden.
Het Zouavenmuseum
Het Nederlandse Zouavenmuseum zit in Oudenbosch, Noord-Brabant. In het museum zijn de originele uniformen te zien, vaandels en een collectie van inschrijfregisters, brieven, dagboeken, bidprentjes en foto’s.
En natuurlijk de registers van de Nederlandse Zouaven, waaronder veel persoonlijke informatie vermeld zoals lichaamslengtes, ouders en overlijdensdatum.
In mijn Lippenstak is een ver familielid Joannes Lippens (1838-1905, Belgie) Zouaaf geweest.
Bronnen voor onderzoek
Lees ook
Katholieke Zouaven zoeken die vochten voor de Paus





























